GDI – Gemeentelijke Duurzaamheids- Index – Drechtsteden

Dordrecht 2014

Dordrecht 2014

Dordrecht 2015

Dordrecht 2015

Dordrecht 2016

Dordrecht 2016

Zwijndrecht 2016

Zwijndrecht 2016

Geurt van de Kerk, ontwikkelaar GDI

Geurt van de Kerk, ontwikkelaar GDI

Papendrecht 2016

Papendrecht 2016

Alblasserdam 2016

Alblasserdam 2016

Sliedrecht 2016

Sliedrecht 2016

Hendrik-Ido-Ambacht 2016

Hendrik-Ido-Ambacht 2016

De meeste gemeenten zien duurzaamheid vooral als een puur technische opgave  met warmtenet, CO2reductie, zonnepanelen, energiebesparing etc.

De GDI kent voor de beoordeling van duurzaamheid een even gelijkwaardige plek toe aan de menskant (people). De Drechtstedelijke Duurzaamheid Index is voor de Drechtsteden een selectie uit de volledige Gemeentelijke Duurzaamheid Index (GDI)

Deze index is een initiatief van de Stichting Duurzame Samenleving Nederland om per Nederlandse gemeente duurzaamheid inzichtelijk te maken. GDI zet 24 parameters ‘bloempjes’ in een ‘boeketje’ duurzaamheid bij elkaar. Het boeketje geeft een representatief beeld over de ontwikkeling van de Nederlandse gemeenten op het vlak van duurzaamheid van jaar tot jaar. Op 20 april a.s. presenteert Geurt van der Kerk GDI 2.0. in het kader van een Werklab Biobased Economie voor de Drechtsteden.

Best Practice – Rondeelstal

Minirondeeel Amsterdam

Minirondeeel Amsterdam

Rondeelstal voor leghennen: milieu- en diervriendelijk systeem 

Thema’s van 2016 voor Drechtstadsboer zijn dierenwelzijn en milieu. Deze beide komen samen in het innovatieve concept Rondeelstal van Vencomatic B.V te Ewijk, bij Eindhoven. Drechtstadsboer bezocht twee best practices van ‘beter leven’ ‘wakkerdier’ en ‘milieukeur’ op de locaties Eersel en Minirondeel te Amsterdam.

Soorteigen gedrag

Soorteigen gedrag

Bij Rondeel worden kippen met zorg voor dierenwelzijn en milieu gehouden, naar de natuurlijke behoeften van de kip”.

Videoverslag van een bezoek aan een Rondeelstal:

Hoe burgerinitiatieven succesvol zijn

Kati Dijk studeerde onlangs af als Master Spatial Planning aan de Wageningen Universiteit en heeft zich gedurende haar studie gefocust op burgerinitiatieven.

Singeldingen

Singeldingen, Rotterdam

Vijf kenmerken van geslaagde ruimtelijke bewonersinitiatieven

Door Kati Dijk

“Hoe burgerinitiatieven succesvol zijn” Masterscriptie Spatial Planning
Bewoners die het niet eens zijn met de plannen van de gemeente en zelf met een alternatief komen voor de inrichting van de openbare ruimte. Het gebeurt steeds vaker dat zulk soort bottom-up plannen ook daadwerkelijk wordt gerealiseerd. In deel 3 van de nazomerserie over ‘bottom-up planning’ een frisse blik van recent afgestudeerd ruimtelijk planner Kati Dijk op wat burgerinitiatieven nou eigenlijk succesvol maakt.

Burgerinitiatieven groeien als paddenstoelen uit de grond. De ‘heilige graal’, nu de overheid terugtreedt. De positieve bijdrage die een burgerinitiatief kan leveren aan de omgeving blijkt uit verscheidene voorbeelden door het hele land. Echter, niet alle initiatieven slagen. Het is moeilijk te bepalen wat ‘faalfactoren’ zijn, gezien initiatieven die het niet redden moeilijk op te sporen zijn – niemand loopt graag te koop met zijn of haar mislukking. Wat wél mogelijk is, is het vergelijken van verschillende succesvolle initiatieven en daarbij de overeenkomsten te identificeren. Deze overeenkomsten zouden in die zin dan gezien kunnen worden als succesfactoren voor burgerinitiatieven.

Factoren voor succes
Voor mijn stage en thesis van de master Ruimtelijke Planning heb ik onderzoek gedaan naar deze succesfactoren door tien ruimtelijke burgerinitiatieven in Nederland te analyseren. Kennis over de kenmerken van geslaagde burgerinitiatieven kan bijdragen aan strategieën voor zowel overheden, burgers en marktpartijen op het gebied van deze relatief nieuwe ontwikkeling.

Singelpark Leiden

Bewoners leggen samen geveltuintjes aan in Leiden

1. Bewonersinitiatief Singeldingen in het Heemraadspark in Rotterdam.
Gemeenschappelijke interesses en ambities
Een eerste factor voor succes kan worden gevonden in de bijdrage die een initiatief levert aan interesses en ambities van externe partijen. Burgerinitiatieven zijn bijna altijd afhankelijk van andere partijen voor bijvoorbeeld financiële of faciliterende ondersteuning. Wanneer de interesses en ambities van van deze partijen overeenkomen met die van de burgers wordt de kans van slagen vergroot. Dit bleek bijvoorbeeld bij project Westkust, aan de Lombok-zijde van Utrecht Centraal, waarbij zowel de initiatiefnemers als de grondeigenaar geïnteresseerd waren in het verlevendigen van een stuk braakliggend terrein.

2. Eigenschappen van initiatiefnemers
Een tweede succesfactor betreft de eigenschappen van de initiatiefnemers zelf. Zij zijn vaak erg enthousiast over het project, hebben een groot sociaal netwerk en willen graag aan de slag. Dit sluit aan bij de bewering van Sjors de Vries en Judith Lekkerkerker dat de zakelijkheid en professionaliteit van initiatiefnemers zelf doorslaggevend is voor een geslaagd burgerinitiatief. Initiatiefnemers zijn vaak in zekere mate bekend met het reilen en zeilen omtrent de ruimtelijke ordening, bijvoorbeeld in het geval van de ontwikkeling van een park op het terrein van het voormalige Elisabethziekenhuis in Amersfoort, waar de initiatiefnemers ook actief waren in de politiek en ruimtelijke projecten. Hierdoor wordt het vertrouwen tussen verschillende betrokken partijen binnen het initiatief vergroot en daarmee ook de kans van slagen.

3. Communicatie
Ook de communicatie is erg belangrijk om draagvlak voor het initiatief te vinden én te houden. In de eerste plaats wordt het persoonlijke netwerk van de initiatiefnemers ingezet. Op informele plekken zoals op verjaardagen, buurtbarbecues en in de kroeg worden gesprekken gevoerd over de ruimtelijke omgeving en worden idealen en ergernissen uitgewisseld. Om een grotere groep mensen te bereiken wordt vaak gebruik gemaakt van sociale media, eigen websites en maillijsten. Maar ook reguliere media zoals kranten en televisie worden ingezet. Een voorbeeld hiervan is een project op kavel 1 in IJburg, waar de initiatiefnemers een klein windmolentje wilden plaatsen. Dit bleek echter niet mogelijk door provinciaal beleid dat windmolens op land verbood. De initiatiefnemer zocht daarom aandacht in de media wat uiteindelijk resulteerde in toestemming voor het windmolentje door een wijziging in het beleid.

4. Bereidheid externe partijen
Wat minstens zo belangrijk is, maar misschien vaak wat is ondergesneeuwd, is de bereidheid van externe partijen zoals overheden om mee te werken aan een initiatief. Kenmerkend voor succesvolle burgerinitiatieven is dat politici en ambtenaren open staan voor samenwerking met burgers. Bas Snoeker stelt in zijn blog dat eerder op RUIMTEVOLK verscheen dat gemeenten vaak geen visie hebben op het gebied van burgerinitiatieven en het daardoor sterk afhangt van de betrokken ambtenaren of een initiatief wordt ondersteund.

De succesvolle burgerinitiatieven uit mijn onderzoek worden allen in meer of mindere mate gesteund door de gemeente of een andere overheidsorganisatie, wat in die zin dus ook als ‘geluk’ of ‘toeval’ zou kunnen worden bestempeld. In sommige gevallen zoeken burgers contact met de overheid, in andere gevallen zoekt de overheid contact met de initiatiefnemer. Dit laatste was bijvoorbeeld het geval bij het burgerinitiatief voor Singelpark Leiden, waarbij de gemeentelijke organisatie al een visie voor de singel van de stad had liggen, maar deze niet op de politieke agenda kreeg. Toen zij lucht kreeg van de ideeën van de bewoners, was een samenwerking een logische vervolgstap.

5. Pragmatisch proces
Een vijfde overeenkomst tussen succesvolle burgerinitiatieven zit in hoe de ontwikkeling van de projecten wordt vormgegeven. Hoewel veel burgerinitiatieven een proces van langere termijn kennen, worden er vaak geen plannen voor de lange termijn gemaakt. Initiatiefnemers gaan stapje voor stapje te werk, waarbij soms van strategie wordt gewisseld. Deze pragmatische aanpak blijkt bijvoorbeeld uit het proces van de Achterste Stroom in Oisterwijk, waarbij het tegenhouden van bouwplannen richting de Achterste Stroom de aanleiding van het initiatief was. Toen dit eenmaal bereikt was, kwamen de idealen van de initiatiefnemers meer naar boven en werd een visie voor het gebied opgesteld waarbij de natuurlijke waarden een grote rol speelden.
Een nieuwe generatie burgerparticipatie

Initiatiefnemers, ambtenaren en marktpartijen banen zich een weg door de onontgonnen jungle rondom burgerinitiatieven. Bovengenoemde inzichten kunnen bijdragen aan strategieën omtrent deze interessante fenomenen in tijden van een terugtredende overheid. De afgelopen jaren hebben burgerinitiatieven zich al ontwikkeld van instemming bij stadsvernieuwing tot een nieuwe beweging van stadsmakers. Initiatiefnemers krijgen steeds vaker een rol in de besluitvorming en dragen meer verantwoordelijkheid. Het is een zekere professionalisering van het bewonersinitiatief. Deze ontwikkeling staat nog in de kinderschoenen en een pioniersgevoel overheerst. Verdere uitkristallisatie is nodig, wat zonder twijfel zal resulteren in een nieuwe generatie burgerparticipatie.

Kati Dijk
katidijk@gmail.com

De nazomerserie ‘bottom-up planning’ is een drieluik van verhalen over de successen en valkuilen van burgerinitiatieven. Deel 1 ging over het succes van de bemiddeling van burgers bij het herinrichten van de Lange Vijverberg in Den Haag. Deel 2 ging over de inspanningen van initiatiefnemers in het Nieuwe Westen in Rotterdam, die na een jaar lang ploeteren toch op weerstand bij de gemeente bleken te stuiten. Deel 1 en 2 werden vorige week gepubliceerd op RUIMTEVOLK.

Pergola – stadslandbouw verdienmodel

Pergola Associaties
Info over individuele bedrijven

Inleiding
Tussen boer en groep wordt een overeenkomst gesloten waardoor de boer verzekerd is van afzet. Bovendien kunnen de deelnemers helpen op het land of bij de planning en distributie. Elk jaar, voor het seizoen begint, maakt de boer een plan voor wat het bedrijf zal gaan produceren en wat dat zal gaan kosten. Dit legt hij voor aan de associatie en na overleg worden het plan en de begroting vastgesteld. De deelnemers verplichten zich van tevoren gezamenlijk de kosten op te brengen, volgens een verdeelsleutel die ze zelf bepalen. De producten die in de loop van het seizoen van het bedrijf komen, worden verdeeld over de deelnemers. [Download bestand]

Bron: Aarde Boer Consument

Stappenplan “Word Stadsboer “

Adviezen voor ervaren en aankomende stadsboeren en -tuiniers!

 Wil je in je tuin, op je balkon, in je buurt of ergens in de stad of omgeving voedsel gaan verbouwen? Dan heb je vast baat bij de volgende tips! U kunt hier het bestand downloaden met tips en adviezen over “word stadsboer”